onregelmatigwerkwoord

 0    126 tarjetas    nhhghbv
descargar mp3 imprimir jugar test de práctica
 
término definición
aanbieden - bood aan - boden aan - aangeboden
empezar lección
عرض - معروض - معروض - معروض
ik bied je hulp aan.
empezar lección
أعرض عليك المساعدة.
hij bood mij een baan aan
empezar lección
عرض عليّ وظيفة
zij heeft koffie aangeboden
empezar lección
قدمت القهوة
aandoen - deed aan - deden aan - aangedaan
empezar lección
ارتدى - ارتدى - فعل - ارتدى
ik doe mijn jas aan
empezar lección
ارتديت معطفي
hij deed het licht aan
empezar lección
أضاء النور.
zij heeft haar bril aangedaan
empezar lección
ارتدت نظارتها.
aankijken - keek aan - keken aan - aangekeken
empezar lección
انظر إلى - نظر إلى - نظر إلى - نظر إلى
ik kijk hem aan
empezar lección
أنظر إليه
hij keek mij aan
empezar lección
نظر إلي
zij heeft mij aangekeken
empezar lección
نظرت إلي
aankomen - kwam aan - kwamen aan - aangekomen
empezar lección
وصل - وصل - وصل - وصل
ik kom morgen aan
empezar lección
سأصل غداً
hij kwam laat aan
empezar lección
وصل متأخراً.
ik ben aangekomen
empezar lección
لقد وصلت
aannemen - nam aan - namen aan - aangenomen
empezar lección
تبنّى - تبنّى - تبنّى - تبنّى
ik neem aan dat hij komt
empezar lección
أفترض أنه قادم
hij nam mij aan
empezar lección
لقد وظفني
ik heb het pakket aangenomen
empezar lección
استلمت الطرد
aansluiten - sloot aan - sloten aan - aangesloten
empezar lección
اتصال - متصل - متصل - متصل
ik sluit me aan bij de groep
empezar lección
سأنضم إلى المجموعة
hij sloot de kabel aan
empezar lección
قام بتوصيل الكابل
we hebben de computer aangesloten
empezar lección
لقد قمنا بتوصيل الكمبيوتر.
aantrekken - trok aan - trokken aan - aangetrokken
empezar lección
اجتذب - اجتذب - اجتذب - اجتذب
dit trekt mijn aandacht aan
empezar lección
هذا يلفت انتباهي
hij trok zijn jas aan
empezar lección
ارتدى معطفه
zij heeft een jurk aangetrokken
empezar lección
لقد ارتدت فستاناً.
aanvragen - vroeg aan - vroegen aan - aangevraagd
empezar lección
تطبيق - تم التطبيق - تم التطبيق - تم التطبيق
ik vraag een visum aan
empezar lección
أتقدم بطلب للحصول على تأشيرة
hij vroeg een vergunning aan
empezar lección
تقدم بطلب للحصول على تصريح
zij heeft een baan aangevraagd
empezar lección
لقد تقدمت بطلب للحصول على وظيفة.
aanwijzen - wees aan - wezen aan - aangewezen
empezar lección
تعيين - تعيين - تعيين - معين
ik wijs de deur aan
empezar lección
أشير إلى الباب
hij wees haar aan als leider
empezar lección
عيّنها قائدة.
we hebben een plek aangewezen
empezar lección
لقد خصصنا مكانًا
aanzien - zag aan - zagen aan - aangezien
empezar lección
اعتبار - نظر إلى - نظر إلى - منذ
ik zie hem aan voor een student
empezar lección
أظنه طالباً
hij zag mij aan voor zijn vriend
empezar lección
لقد ظنني صديقه.
zij heeft hem aangezien voor een dokter
empezar lección
ظنته طبيباً
achterblijven - bleef achter - bleven achter - achtergebleven
empezar lección
البقاء في الخلف - البقاء في الخلف - البقاء في الخلف - البقاء في الخلف
ik blijf achter in de klas
empezar lección
أتأخر في الحصة
hij bleef achter tijdens de wedstrijd
empezar lección
لقد بقي في الخلف طوال المباراة.
zij is achtergebleven
empezar lección
لقد بقيت في الخلف
afhangen - hing aan - hingen af- afgehangen
empezar lección
معلق - معلق من - معلق من - معلق
het hangt af van het weer
empezar lección
الأمر يعتمد على الطقس
het hing af van zijn beslissing
empezar lección
الأمر يعتمد على قراره
het heeft van jou afgehangen
empezar lección
الأمر يعتمد عليك
afkomen - kwam af - kwamen af - afgekomen
empezar lección
انفصل - انفصل - انفصل - انفصل
hij komt van school af
empezar lección
يأتي من المدرسة
zij kwam van haar werk af
empezar lección
عادت إلى المنزل من العمل.
hij is van het probleem afgekomen
empezar lección
لقد تخلص من المشكلة.
aflopen - liep af - liepen af - afgelopen
empezar lección
إلى النهاية - انتهى - انتهى - تم الانتهاء
de film loopt af
empezar lección
ينتهي الفيلم
hij liep de straat af
empezar lección
سار في الشارع.
de les is afgelopen
empezar lección
انتهى الدرس
afnemen - nam af - namen af - afgenomen
empezar lección
انخفاض - انخفض - انخفض - انخفض
de stress neemt af
empezar lección
يقل التوتر
hij nam mijn telefoon af
empezar lección
أخذ هاتفي
de school heeft een test afgenomen
empezar lección
أجرت المدرسة اختباراً
afsluiten - sloot af - sloten af - afgesloten
empezar lección
إيقاف التشغيل - إيقاف التشغيل - إيقاف التشغيل - مغلق
ik sluit de les af
empezar lección
سأختتم الدرس
hij sloot de deur af
empezar lección
أغلق الباب.
ik heb een verzekering afgesloten
empezar lección
لقد قمت بشراء تأمين
bedenken - bedacht -bedachten - bedacht
empezar lección
أن أفكر - فكرت - فكرت - فكرت
ik bedenk een oplossing
empezar lección
أتوصل إلى حل
hij bedacht een goed iedee
empezar lección
لقد توصل إلى فكرة جيدة
ik heb me bedacht (zich bedenken)
empezar lección
لقد غيرت رأيي (أن يغير المرء رأيه)
bedragen - bedroeg - bedroegen - bedragen
empezar lección
المبالغ - المبلغ - المبلغ - المبالغ
het bedrag bedraagt 100 euro
empezar lección
المبلغ هو 100 يورو
de kosten bedroegen 50 euro
empezar lección
بلغت التكاليف 50 يورو
het heeft 200 euro bedragen
empezar lección
وبلغت قيمتها 200 يورو
beginnen - begon - begonnen - begonnen
empezar lección
بدأ - بدأ - انطلق - بدأ
ik begin met werken
empezar lección
أبدأ العمل
hij begon gisteren
empezar lección
بدأ عمله أمس
we zijn het project begonnen
empezar lección
لقد بدأنا المشروع.
begrijpen - begreep - begrepen - begrepen
empezar lección
فهم - فهم - فهم - فهم
ik begrijp de vraag
empezar lección
أفهم السؤال
hij begreep het niet
empezar lección
لم يفهم ذلك.
ik heb het eindelijk begrepen
empezar lección
لقد فهمت الأمر أخيراً
behouden - behield - behielden - behouden
empezar lección
حفظ - محفوظ - محفوظ - محفوظ
ik behoud mijn baan
empezar lección
سأحتفظ بوظيفتي
hij behield zijn positie
empezar lección
لقد احتفظ بمنصبه
zij heeft haar rechten behouden
empezar lección
لقد احتفظت بحقوقها.
bekijken - bekeek - bekeken - bekeken
empezar lección
شاهد - شاهد - شاهد - شاهد
ik bekijk de video
empezar lección
أنا أشاهد الفيديو
hij bekeek het probleem
empezar lección
قام بدراسة المشكلة
wij hebben de situatie bekeken
empezar lección
لقد درسنا الوضع.
beschrijven - beschreef - beschreven - beschreven
empezar lección
وصف - وصف - وصف - وصف
ik beschrijf de situatie
empezar lección
أصف الوضع
hij beschreef het probleem
empezar lección
وصف المشكلة
zij heeft de ervaring beschreven
empezar lección
وقد وصفت التجربة
besluiten - besloot - besloten - besloten
empezar lección
قرر - قرر - قرر - قرر
ik besluit te gaan
empezar lección
قررت الذهاب
hij besloot te blijven
empezar lección
قرر البقاء
wij hebben het plan besloten
empezar lección
لقد قررنا الخطة
bespreken - besprak - bespraken - besproken
empezar lección
ناقش - ناقش - ناقش - ناقش
ik bespreek morgen met mijn collega het probleem
empezar lección
سأناقش المشكلة مع زميلي غداً.
hij besprak gisteren tijdens de vergadering alle belangrijke punten
empezar lección
ناقش جميع النقاط المهمة خلال اجتماع الأمس.
we hebben gisteren het project besproken
empezar lección
ناقشنا المشروع أمس.
bestaan - bestond - bestonden - bestaan
empezar lección
موجود - كان موجودًا - كان موجودًا - موجود
het probleem bestaat nog
empezar lección
لا تزال المشكلة قائمة
dit systeem bestond vroeger niet
empezar lección
لم يكن هذا النظام موجوداً في الماضي.
dit probleem heeft lang bestaan
empezar lección
هذه المشكلة موجودة منذ فترة طويلة.
betreffen - betrof - betroffen - betroffen
empezar lección
قلق - قلق - قلق - قلق
dit probleem betreft iedereen
empezar lección
هذه المشكلة تؤثر على الجميع.
de vraag betrof het project
empezar lección
كان السؤال يتعلق بالمشروع
de zaak heeft hem betroffen
empezar lección
الأمر كان يؤرقه
betrekken - betrok -betrokken - betrokken
empezar lección
يتضمن - متورط - متورط - متورط
ik betrek haar bij het plan
empezar lección
أشركتها في الخطة
wij betrokken een nieuw appartement
empezar lección
انتقلنا إلى شقة جديدة
ik heb hem erbij betrokken
empezar lección
أشركته في الأمر
bevallen - beviel - bevielen - bevallen
empezar lección
أنجبت - أنجبت - أنجبت - أنجبت
deze muziek bevalt mij
empezar lección
أحب هذه الموسيقى
de film beviel mij niet
empezar lección
لم يعجبني الفيلم
het heeft mij goed bevallen
empezar lección
أعجبني.
zij bevalt van een kind
empezar lección
تلد طفلاً
zij beviel van een kind
empezar lección
أنجبت طفلاً
zij is een kind bevallen
empezar lección
لقد أنجبت طفلاً.
bevinden - bevond - bevonden - bevonden
empezar lección
ابحث - تم العثور - تم العثور - تم العثور
ik bevind me in Amsterdam
empezar lección
أنا في أمستردام
ik bevond me daar
empezar lección
وجدت نفسي هناك
ik heb me daar bevonden
empezar lección
وجدت نفسي هناك
hij bevindt zich in een moeilijke situatie
empezar lección
يجد نفسه في موقف صعب.
hij bevond zich in een probleem
empezar lección
وجد نفسه في مشكلة.
hij heeft zich in een moeilijke situatie bevonden
empezar lección
لقد وجد نفسه في موقف صعب.

Debes iniciar sesión para poder comentar.